terug naar het weblog > 28 juli 2009

LEZEN OP HET STRAND - 2

10.43 uur. De dag begint met de voorpagina van de Volkskrant. Grote foto van de gisteravond overleden Michael Zeeman, een van de meest gepassioneerde lezers denkbaar. Slikken. Zuchten.

 

10.59 uur. De strandtent gaat open. Hufterproof zitbanken gaan naar buiten, fleurige fatboys worden rondgegooid, damtafel wordt geïnstalleerd, boeken gaan in de zon, stripverhalen in de stalling. We maken ons op voor een stralende leesdag.

 

11.27 uur. Oma komt langs met haar kleinkinderen. ‘Kan ik jullie hier niet dumpen?’ vraagt ze hoopvol, maar de meisjes willen naar zee.

 

11.28 uur. De draaimolen net tegenover de bibliotheektent zet een CD met Nederlandstalige nummers op repeat. Hè gelukkig, die muziek was ik al bijna vergeten.

 

11.45 uur. Ik spreek een mevrouw aan of ze zin heeft om een boek mee naar het strand te nemen. Wat? Om te lezen, zeg ik. Ze kijkt me aan of ik een half verteerde Thaise maaltijd over haar uitbraak. ‘Lézen?’ herhaalt ze vol afschuw. De lange weg genaamd leesbevordering.

 

11.49 uur. We worden kritisch aangestaard door de bejaarden aan de overkant van de strandbibliotheek. De afgelopen drie seizoenen stond de tent op hún plaats en werden hún banken weggehaald. Dat hebben ze kunnen vergeten noch vergeven.

 

12.12 uur. Nu we regelmatig over het plein omroepen ‘u kunt hier GRATIS boeken lenen... GRATIS. U hoeft NIETS TE BETALEN. Het is GRATIS!’ krijgen we plotseling veel meer aandacht. Harry Mulisch schreef ooit: ‘Je kunt een Nederlander alles laten eten, als je er maar bijzegt dat hij het GRATIS krijgt.’

 

13.05 uur. Een statige Indische mevrouw vraagt advies bij haar keuze van een boek. ‘Ik hoef geen moderne roman, hoor,’ zegt ze. ‘Die gaan alleen maar over seks.’ Ik knik en begin te zoeken naar een ouder werk waarin lichamelijkheden geen rol spelen. ‘Ik ben nu vijfenzeventig,’ licht de vrouw toe, ‘al dat gedoe heb ik gelukkig achter de rug.’

 

13.32 uur. Er zitten twee kindertjes al anderhalf uur rustig te tekenen aan de grote tafel. Terwijl buiten de zon schijnt. Ik vraag of ze geen zin hebben om op het strand te liggen. Misschien zal ik ze een verhaal voorlezen? Ze kijken me onwetend, ja zelfs angstig aan. Na een lange spraakverwarring kom ik erachter dat ze uit Turkije komen. Turkse toeristen in een Nederlandse strandbibliotheek. ‘Het moet niet knettergekker worden,’ zou een blondgebleekte xenofobe haatpoliticus zeggen.

 

14.02 uur. Nog meer Turks. Een Nederlandse meisje en haar Turkse vriend dammen aan de damtafel. Na verloop van tijd horen we lover’s quarrel-achtige geluiden. Hij wil met zijn dam haar hele laatste rij wegbeuken, waar zij zich heftig tegen verweert. ‘That are Turkish rules!’ roept hij boos. ‘But we’re in Holland!’ roept zij al even heftig. Ze zijn verliefd, dat kan niet anders. Na een kwartier vertrekken ze arm in arm. Zij heeft hem overigens verpletterd.

 

14.21 uur. Er komt een man, laten we hem voor de herkenbaarheid een halve zool noemen, zwaar bepakt de bibliotheek binnenfietsen. Op de fiets de bibliotheek in. Hij maakt een verwarde indruk en het concept ‘een frisse douche’ is de afgelopen jaren langs hem heengegaan. Hij vraagt aan een van de meisjes van de strandbibliotheek waar het centrum is. Het centrum van Den Haag, bedoelt hij. ‘That’s a long way,’ zegt het meisje. De man ziet er inderdaad uit alsof hij lang, heel lang onderweg is.

 

14.59 uur. Ik voel me een beetje een hustler, op kinderpoppenkastniveau. Gewapend met een microfoon en een portabel geluidsversterker probeer ik op de boulevard zoveel mogelijk kinderen naar de poppenkastvoorstelling in de strandbibliotheektent te lokken. Leesbevordering, het is hard werken.

 

15.04 uur. Een marinier die gestationeerd is in Libanon en volgend jaar naar Afganisthan wordt uitgezonden, komt vanuit Den Haag gefietst om zijn boek te laten signeren. Dat geeft mij, zoals de Vlamingen zeggen, een fier gevoel.

 

15.21 uur. Een aardig echtpaar komt opgewonden op me af. ‘U wordt per 1 oktober de nieuwe hoofdredacteur van Rails?’ vraagt de vrouw van het paar zonder introductie. Dit moet een misverstand zijn, tenzij mijn dubbele persoonlijkheid een baan heeft aangenomen zonder met mij te overleggen. De vrouw bezweert me dat het bericht klopt: ze heeft het net op Google gelezen. Ik leg uit dat ik tien jaar geleden een minuut of dertig hoofdredacteur van het blad ben geweest. Ze is bedroefd, want ze heeft een verhaal geschreven over een treinreis door Japan. ‘Echt iets voor Rails,’ zegt ze. Een blad dat overigens al een paar jaar niet meer bestaat.

 

16.02 uur. Mijn ego, of wat daar na al die jaren van publieke beschimpingen nog van over is, krijgt opnieuw de zoveelste gevoelige dreun. Ik word door een jongeman van de gemeentereiniging uitgedaagd voor een potje dammen aan de damtafel. Dat hij me van de velden kegelt is overdreven, maar een vernederende lugubere afslachting is het zeker. Strandbibliotheekdirecteur René van Ginneken begeleidt de wedstrijd met snedig commentaar over de geluidsversterking. Zo kan de hele Kijkduinse boulevard meegenieten. ‘Dammen is mijn hobby,’ zegt de jongen van de stadsreiniging als hij zijn stukken weer opsteld. Yeah, alsof dat iets goedmaakt.

 

16.21 uur. Ik probeer uit alles positieve dingen te halen. Sommige Nederlandstalige nummers hóeven niet eens te rijmen. ‘Ga met me mee naar ons gezellige café / dat kroegie bij ons om de hoek / we vieren feest tot ’s morgens vroeg,’ zingt een zoetbevooisde levenszanger, die ik verder uit mijn leven hoop te bannen.

 

16.55 uur. Mooie quote in het gastenboek van de strandbibliotheek. In een zorgvuldig kinderhandschrift staat er gekrabbeld: ‘Ik mag niet op het draaimolen, maar ik ben wel men tante Betty op het strand is het erg leuk we hebben gevliegerd en een ijsje gegeten.’ Getekend: Kim, 8 jaar. Klinkt als een geslaagde stranddag.